Home en Nieuws
Avondtrainingen 2012
Trials Uitleg
Tweeling geboorte
Naar Buiten
Reilley-Keir
Reilley-Keir Honden
Border Collies
Schapen
Indische Loopeenden
Schaapskudde Loenen
Welsh Pages
Clinics
Columns
Trainingsartikelen
Wat is Balans?
Waarschuwingssignaal
Rose
Train voor niets
Zint voor je begint
Een goed begin
Socialisatie
Schema Ian Hunter
Pups opvoeding/start
Pup opvoeden/trainen
Training Julie Hill
Mentaliteit
Les nemen
Aanbevolen boeken
Bekeken films
Foto's
WT foto pagina
Links
Archief
Contactformulier
Website Index

De eenzaamheid van Rose. Jon Katz 

Wat er gebeurt als een hond te veel werkt.

Net voor middernacht ging de telefoon. De beller was een boer uit North Hebron, die rustig vertelde dat hij  “een probleempje” had. “Mijn geiten, schapen en koeien zijn uitgebroken en de weg opgelopen. Een van de geiten is door een auto aangereden. Ik moet mijn dieren weer binnen krijgen. Mijn hek is op minstens twee plaatsen kapot en ik wil ze van de weg af hebben. Ik heb gehoord dat je een werkhond hebt. Ik zal je ervoor betalen.

Ondanks het feit dat hij kalm was en rustig vertelde, begreep ik dat zijn oproep dringend was. Zijn bron van levensonderhoud zwierf over straat rond. Meer dieren konden gedood of gewond raken, net als de mensen die ze zouden aanrijden. Omheiningen konden worden kapotgemaakt of beschadigd raken, dagvaardingen en rechtszaken zouden volgen.

Maar ik had Rose, a 17 kilo zware, 2 jaar oude Border Collie. Rose was enorm zelfverzekerd en ervaren met schapen. Zij kruipen bij elkaar wanneer zij verschijnt. Maar ze had nooit geiten en vee gedreven, zeker niet midden in de nacht op een vreemde plek op een drukke weg. Eén schop van een melkkoe zou haar verpulveren en geiten zijn berucht om hun slimheid en agressiviteit. Ze kende de boer niet en ze kende zijn hond niet, een prikkelbare erfhond, zei hij.

 Desalniettemin begon ik mij direct aan te kleden. Ik ben geen boer, maar ik heb een boerderij. Ik heb al mijn beesten door een open hek het bos in zien lopen. Het is geen idee wat ik kon vergeten en weer bij in slaap kon vallen. Na 15 minuten reden we het erf op, rommelig en oud met de vereiste enorme schuur, wegroestende trekkers en vrachtwagens en kaalgeplukte auto’s. Een dode geit en een beschadigde auto stonden midden op de weg. Koeien, schapen, geiten en nog meer auto’s stonden overal verspreid.

“Succes, meisje,” zei ik. Er was geen tijd te verliezen. Rose deed eerst een uitval naar de hond van de boer, die opgewonden stond te blaffen, waarmee ze hem onder een vrachtwagen joeg. Toen richtte ze zich op de drie geiten, die haar ieder probeerden te stoten. Al uitvallend en happend, dreef zij ze van achteraf op tot zij in een penn liepen en de boer hen insloot.

Ze cirkelde rond achter de koeien, die niet in een kluitje gaan staan zoals schapen, maar die wel wat zenuwachtig worden in de buurt van vreemde dieren, en hapte er één of twee in de achterkant, waarbij ze op afstand bleef van de poten. Zij zetten zich in beweging. Ik liet haar afstand nemen, en de boer nam haar plaats in – zijn zoon ervoor met een emmer voer – en ze begonnen naar de stal te lopen. Rose bleef erachter, blaffend, happen en uitvallend, terwijl ik “Barn, barn!” schreeuwde. Een commando dat wij op mijn boerderij gebruiken wanneer ik dieren naar de stal gebracht wil hebben.

Er waren ook ongeveer 25 ooien en rammen, en ik kon zien dat zij niet “dog broke” waren – wat betekent, dat ze niet gewend zijn door honden te worden gedreven. Maar ze kwamen bij elkaar, waarbij er een paar naar voren kwamen om Rose uit te dagen. Dat was geen probleem. Ze mag dan voorzichtig zijn rond de koeien, maar er geen schaap op e wereld waar Rose bang voor is. Ze bracht haar “rope-a-dope” in praktijk, uitvallen en terugtrekken. De schapen raakten overtuigd van haar vastbeslotenheid, draaiden zich om en renden naar een veilige plek – in dit geval een hek dat door de boer werd opengehouden. In een paar minuten stonden ze allemaal in het weiland. Twee koeien loeiden vanaf de overkant van de weg maar de boer sprong in zijn pick-up truck en toeterde hen terug naar de overkant.

“Goed zo, meisje!” riep ik, en gaf het commando “Truck, up” wat betekent  “ga terug in de auto”. Ze had de boel in orde in minder dan 10 minuten. De boer gaf me een krakend briefje van $ 10,-  het dubbele van ons normale honorarium, en we gingen naar huis en naar bed. Een wonderbaarlijk gebeurtenis om mee te maken, tenminste voor mij. Voor Rose was het niets bijzonders.

Ik heb vier honden, twee border collies, twee blonde labradors, en soms, als onderzoeker naar de mens-dier band, vraag ik vrienden en bekenden welke hond, zij zouden willen hebben.

Drie van mijn honden zijn wat je kan noemen lief en aantrekkelijk, ze zijn leuk, houden van mensen, vinden het leuk om te worden aangehaald of geaaid. Pearl heeft grote bruine ogen en rolt zich op haar rug wanneer ze een honden liefhebber ontmoet. Clementine vindt iedereen geweldig die haar een koekje geeft. Izzy, mijn andere border collie, drijft soms schapen maar hij knuffelt liever met mensen, wanneer hij mocht kiezen.

Rose is niet lief en aantrekkelijk. Ze is een werkhond, een boerderij hond. Zij drijft schapen, houdt de ezels apart van de andere dieren, wanneer ze gevoerd worden, waarschuwt mij wanneer er lammeren worden geboren, en houdt mij in de gaten wanneer de ram in de buurt is. Ze gaat de confrontatie aan met de ezels, met de ooien die hun lammeren beschermen en met zwerfhonden die bij de boerderij in de buurt komen. Zij en ik nemen de schapen mee uit grazen zo’n twee of drie keer per dag. Op zondag wandelen wij met de hele kudde soms naar de Kerk om naar het orgel te luisteren en staan paraat bij de grote ramen. “Hé, Rose,” roepen de kinderen soms na de dienst. Met Rose hebben we geen hekken nodig. Zoals mij vriend Peter Hanks zegt, “Rose is het hek.”

Rose is een beetje mager en ziet er wat onhandig uit, maar erg mooi voor mij. Ze lijkt op geen enkele hond die ik ooit heb gehad. Ze heeft weinig met mensen, Ze knuffelt of speelt niet. Ze duldt kinderen maar is er niet gek op. Ze is haast nooit in de zelfde ruimte als ik, ze loopt van raam tot raam in mijn huis om haar kudde in de gaten te houden. Iedere ochtend rond zonsopgang, springt ze op mijn bed, likt me ongeveer 50 keer en verdwijnt in een geheime ruimte. Ik weet niet waar ze slaapt. Ze komt voortdurend bij me kijken maar blijft zelden bij me.

Wanneer ik de achterdeur uitloop, kijkt ze welke laarzen ik aantrek. Als ik mijn stallaarzen aantrek loopt ze met me mee. Als ik mijn gewone schoenen, aantrek blijft ze thuis. Toen ik last van mijn rug had, liet Annie, mijn boerderij manager, de honden uit. Allemaal gingen ze graag mee, behalve Rose. Ze zat dag en nacht op het voeteneind van mijn bed en ging alleen uit wanneer ik naar de achterdeur strompelde om haar er uit te laten. Ze neemt de schapen mee uit voor me waarbij ze aan de overkant van de straat ze urenlang in de gaten houdt.

Ik zou niet om mijn boerderij kunnen leven zonder Rose. Wanneer de scheerder komt, drijft Rose de geschoren schapen een voor een de stal uit. Wanneer de dierenarts komt, vraagt hij Rose om de dieren in een hoek te houden tot hij ze kan pakken en neerleggen. “Rose is de meest nuttige hond die ik ken.” Zei de dierenarts tegen me.

Rose is dag en nacht bereikbaar voor boeren die geen geld hebben om zo’n hond te kopen of geen tijd hebben om er een te trainen. We hebben al heel wat koeien, zwerfgeiten en schapen bij elkaar gebracht. Afgelopen winter, toen een hek beschadigd was, belde een wanhopige boer met 400 melk koeien mij midden in de nacht op. Hij had gehoord dat ik een werkhond had en wij haastten ons naar zijn boerderij. Rose stond voor het open hek en staarde naar de 1200 pond wegende koeien gedurende twee uur. Sommige koeien kwamen nieuwsgierig kijken, zij kregen een hap. Ze was niet hun vriend, wilde ze daarmee zeggen. Niet een kwam door het hek.

Een weduwe in Cossayuna werd overvallen door een sneeuwstorm en kon niet op tijd haar schapen in de stal krijgen. Rose haastte zich er naar toe en deed het in vijf minuten. We vragen gewoonlijk $5,- voor dergelijke noodoproepen, voor de trots van de boeren en ter ere van Rose. Ze heeft al $240,- verdient, wat in een mandje ligt. Het meeste zal naar een border collie rescue group gaan waar ik bij hoor. Van de rest zal een grote steak-bone voor Rose worden gekocht.

Vorig jaar kreeg Rose een schop van Lulu, een van mijn ezels. Ze liet de hond vliegen waarbij ze terugstuiterde tegen een muur. Ik dacht dat Rose dood was. Dat was ze niet. Sinds die dag is ze nooit meer het weiland ingegaan zonder Lulu in de billen te happen. Lulu heeft nog een schop overwogen, maar heeft nooit meer de juiste hoek kunnen vinden.

Ik maak me zorgen over Rose. Ze heeft zich opengescheurd aan prikkeldraad, zichzelf op palen en scherpe rotsen gespietst, uitgegleden en van steile hellingen afgerold. Ik zie haar vaak mank lopen (maar nooit langdurig), zich likken aan een nieuwe wond of haar beschadigde voeten verzorgen, of ik ind stukken vacht van haar. Wanneer ze het toelaat aai ik haar en vertel haar hoeveel ik van haar houd en haar waardeer. Dan likt ze zacht mijn hand en gezicht. Soms, ’s nachts, zelfs wanneer ze ertegen vecht, zie ik haar ogen sluiten wanneer ze wegzakt in diepe slaap.

Een paar weken geleden, werd er een fok ram afgeleverd. Er was gezegd dat hij assertief en vechtlustig was, wat je van een ram verwacht. We brachten hem door het hek naar de andere schapen en mijn ezels. Lulu, haar zus Fanny, en de mopperige Jeannette, die net onverwacht bevallen was van Jesus, een klein jongetje, en daar heftig beschermend over was.

Rose moest zich tussen de ezels door manoeuvreren, waarvan er twee haar graag zouden ervan lang wilden geven. Ze moest zich ook met de ram bezig houden, die al vanaf de trailer naar haar uitviel. Ze rende erom heen en greep hem in zijn edele delen en toen hij bromde en proestte rende zij om en hapte in zijn neus. Ze liet hem rond en rond draaien gedurende vijf minuten, waarbij ze een oogje hield op de ezels en de schapen, tot hij naar het midden van de kudde schapen rende en zich verstopte. Toen rende ze naar Lulu en hapte hem in de billen, bij Jeannette en de baby vandaan blijvend. Ze haalde de schapen en de ram bij elkaar en dreef hen naar het volgende weiland. Na een paar minuten, was iedereen kalm aan het grazen en kauwen op gras en hooi.

Rose komt uit Colorado, uit een werklijn. Haar favoriete plek - wanneer zij niet werkt, wat haar favoriete bezigheid - is in de tuin, daar zit ze, regen, kou, sneeuw of zon en houdt haar schapen in de gaten. Soms lijkt ze me eenzaam. Ik denk dat er een prijs betaald moet worden om een hond te laten werken. Een werkhond kan geen huisdier zijn, tenminste niet op de manier waarop wij over huisdieren denken. Ze doet de dingen die ik nodig heb, maar heel weinig van de dingen die wij leuk vinden aan honden, knuffelen, spelen, met je meelopen en vrienden worden met andere honden en mensen.

Soms kijk ik uit het raam en dan zie ik haar met een deken van sneeuw en ijs over zich heen. Wanneer ik in mijn ATV rijd, springen de andere honden achterop en rijden met mij mee. Rose rent altijd vooruit. Wanneer we in het bos wandelen loopt zij altijd voorop, gespitst op eekhoorns, vogels of herten. Wanneer kinderen langs de weg van school langskomen staan zij op een rij om de honden te aaien. Rose komt nooit hallo zeggen en zij kijken nooit naar haar.

Ik heb 200 mensen gevraagd welke van mijn honden zij zouden willen hebben. Slechts twee noemden Rose.

Artikel door Jon Katz, in juni 2006 verschenen in “Slate Magazine”

Vertaling door Reilley-Keir met toestemming van de auteur.

Reilley-Keir Border Collies
info@reilley-keir.com